Nieuws

Jeugdzorg krijgt klap op klap

7 juni 2017

Bron: nrc.nl

Kinderpsychiaters luiden de noodklok over de zorg die zij kunnen bieden. Het zoveelste signaal van misstanden in de jeugdzorg.

Niemand in de Tweede Kamer die géén problemen ziet in de jeugdzorg.

Denk je eens in, zegt bijvoorbeeld SP-Tweede Kamerlid Nine Kooiman: je zoon of dochter is suïcidaal. Met lood in je schoenen klop je voor hulp aan bij de gemeente. Die zegt: helaas, u moet een half jaar wachten. Kooiman: „Heel triest, maar dat is de realiteit. Dan is het niet gek om te zeggen dat we op dit vlak een ontwikkelingsland zijn geworden.”

Rens Raemakers, Tweede Kamerlid van D66: „Een kind met een gebroken been zetten we geen half jaar op een wachtlijst, terwijl we dat wel doen bij kinderen met een psychisch probleem. Dat is niet de bedoeling.”

Tweede Kamerlid Zohair El Yassini van de VVD zegt het zo: „Veel wethouders nemen nog geen regie over de jeugdzorg. Zorg voor kinderen moet gegarandeerd zijn.”

Donderdag praten de Kamerleden met demissionair staatssecretaris Martin van Rijn (Zorg, PvdA) in een algemeen overleg over jeugdhulp. Dat is nodig. Want terwijl het demissionaire kabinet politiek gevoelige besluiten mijdt, stapelen de ontwikkelingen in dit moeilijke dossier zich snel op.

Neem alleen de afgelopen tweeënhalve maand.

Probleem op probleem

Eind maart meldt de Transitie Autoriteit Jeugd (TAJ), die namens het Rijk toeziet op de in 2015 gedecentraliseerde jeugdhulp, dat kinderziekten van het nieuwe systeem structureel dreigen te worden.

Van alle jeugdbeschermingsinstellingen, aan zet zodra de ontwikkeling van een kind in de knel komt, vreest ruim eenderde problemen over 2017 bij het uitbetalen van loon aan personeel en bij het overmaken van de huur voor kantoorruimten. Gemeenten betalen als gevolg van grote administratieve rompslomp rekeningen te laat. Slechts 13 procent van de rekeningen wordt binnen een maand voldaan.

Een paar weken later meldt de Kindertelefoon voor zijn voortbestaan te vrezen. De inkoop van de diensten van de Kindertelefoon dreigt vanaf 2018 een keus voor de ruim 380 gemeenten afzonderlijk te worden. De stichting vreest ondoenlijke administratie, en, nog zorgelijker, dat sommige kinderen niet meer bij de Kindertelefoon terechtkunnen. Dat zou dan alleen maar zijn omdat ze toevallig wonen in gemeenten die de dienst niet hebben ingekocht.

In dezelfde week blijkt uit een rapport van adviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF), geschreven in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, dat een aantal gemeenten forse tekorten verwacht in het hele sociale domein. Dus niet alleen in de jeugdzorg, maar ook in de zorg voor thuiswonende ouderen en in de werkbemiddeling voor arbeidsgehandicapten. Gemeenten kunnen het ene tekort dus niet compenseren met een overschot op een ander terrein. Belangrijkste reden, schrijft AEF: het Rijk heeft de bezuinigingen op het sociale domein al ingeboekt nog vóórdat geldbesparende hervormingen in de zorg konden plaatsvinden. Sterker, in de beginjaren leveren hervormingen geen geld op, maar kósten ze door investeringen juist meer.

De bezuinigingen, die tegelijk met de decentralisaties kwamen, waren fors. Bij instellingen lopen de kortingen soms op tot wel 30 procent van het budget, en gemeenten hebben sinds 2015 opgeteld zeker 15 procent minder geld uit te geven aan zorg voor kwetsbare jeugd.

Dat breekt gemeenten op. Halverwege mei stuurt Tiel een brandbrief aan het Rijk vanwege een tekort van 1,8 miljoen euro op het jeugdzorgbudget van 2016. De vraag naar jeugdhulp stijgt, terwijl de budgetten krimpen, zegt burgemeester Hans Beenakker (VVD). Nog geen week later stappen twee Venlose wethouders op wegens tekorten in de jeugdzorg – een PvdA-wethouder van welzijn en een VVD-wethouder financiën. Het gat in de begroting over 2016 bleek niet 4,3 miljoen euro, zoals lang verwacht, maar 12 miljoen euro. De PvdA is uit het Venlose college gestapt, de meerderheid van de coalitie is geslonken tot één zetel.

Geestelijke gezondheidszorg

En dan zijn er de aanhoudende problemen in de geestelijke jeugdgezondheidszorg (jeugd-ggz). Ruim de helft van de zorginstellingen slaagt er niet in jongeren met psychische problemen tijdig te ontvangen, schrijft NRC in mei op basis van cijfers van onderzoeksbureau MediQuest. Eén op de vijf kinderen wacht langer dan twee maanden op een intakegesprek, ruim twee keer zo veel als de geldende norm in de sector. En deze woensdag blijkt dat ruim de helft van de kinder- en jeugdpsychiaters terug wil naar de oude situatie, waarbij verzekeraars de zorg betalen, omdat zij vinden dat ze na de decentralisatie zieke kinderen niet de zorg kunnen bieden die ze nodig hebben.

De problemen leiden in de Tweede Kamer tot grote zorgen. En tot actie, bleek afgelopen vrijdag. Toen had staatssecretaris Van Rijn zelf nieuws: de Kindertelefoon is vanaf 2018 niet langer een gemeentelijke verantwoordelijkheid, maar een taak van het Rijk – dat de telefoondienst ook gaat betalen.

Van Rijn redt dus de Kindertelefoon. Tegelijkertijd geeft hij een opvallend signaal af: decentralisatie leidt tot nood, recentralisatie brengt redding. Menig kinder- en jeugdpsychiater ziet dit als een teken van hoop. „Het eerste schaap is over de dam”, zegt psychiater Hilmar Backer. „Na de Kindertelefoon willen wij ook een landelijke regeling.”

Zo eensgezind als de Tweede Kamerleden zijn in hun analyse dat het niet goed gaat in de jeugdzorg, zo verdeeld zijn ze over de oplossingen. De SP zegt het simpel: extra geld naar de gemeenten. VVD en D66 zien dat niet zitten. D66 praat liever niet over meer geld, als nog onduidelijk is in welke gemeenten precies tekorten zijn. De VVD ziet dat het in sommige gemeenten wél goed loopt. Daar moeten de wethouders in andere gemeenten maar een voorbeeld aan nemen, zegt Kamerlid El Yassini.

Geef een reactie